Rond het Spui worden grachten en havens gegraven. Via de Vliet vormen deze water-wegen de verbinding met het achterland van Den Haag en ook met Delft. Zo ontstaat een levendige handel met ambachtelijke bedrijvigheid. Maar er kwam ook andere nering: logementen, prostitutie en criminaliteit. In 1649 wordt de Nieuwe Kerk opgeleverd.
18e eeuw:
Het gebied raakt in verval. De schepen worden groter en kunnen de kleine haventjes niet meer in. De havens verliezen hun functie en zijn bovendien sterk vervuild.
19e eeuw:
Veel van de grachten en havens rond het Spui worden gedempt, mede onder invloed van de opkomst van gemotoriseerd verkeer. Daarnaast spelen ook de slechte hygiënische omstandigheden een grote rol. De bevolking van Den Haag neemt snel toe. Veel mensen vestigen zich in de vrijgekomen plekken. Zo ontstaat een dicht patroon van hofjes, steegjes en sloppen. De binnenstad vervuilt sterk. De resterende grachten worden gebruikt als riool. Daarop worden ook die grachten gedempt. Ondertussen ontstaan er in de tweede helft van de 19eeeuw twee stations: de Hollandsche IJzeren Spoorwegmaatschappij (HS) en de Rhijn Spoorwegmaatschappij (CS).
20 eeeuw
In het begin van de 20e eeuw was er van het oorspronkelijke Spui en omgeving weinig over. De tijd, verkrotting, economische achteruitgang, en de slopershamer hadden de stad van een karakteristiek en belangrijk deel van haar centrum beroofd.
1901
De Woningwet doet zijn intrede. Dit was een belangrijke stap op weg naar meer kwaliteit. Bebouwing moet voortaan aan minimale eisen voldoen.
1908
Berlage en Lindo presenteren hun plan voor Den Haag. Onderdeel is het plan voor een nieuw stadhuis tussen de Kalvermarkt en de Turfmarkt.
1911
Het ontwerp van Berlage wordt aangenomen, maar het merendeel wordt nooit uitgevoerd. Toch is de invloed van Berlage nog steeds van groot belang, óók voor de huidige stad. De verkeersdoorbraken zoals de Grote Marktstraat, de Hofweg en de Vondelstraat maakten de binnenstad klaar voor de opkomst van het autoverkeer. Daardoor werd schaalvergroting en nieuwbouw (voorbeeld: Bijenkorf) mogelijk.
1920
Verdere verkrotting van het Wijnhavenkwartier (voorheen Spuikwartier), tevens eerste nieuwbouw Grote Markstraat.
1934
Dudok wordt gevraagd voor de uitbreiding van de stad met een integraal plan te komen.
1949
Dudok presenteert zijn ‘Structuurplan’: vergroting van het stadscentrum en verspreiding van de stadsfuncties over een groter gebied. Op die manier moet de verkeersdruk afnemen. Dudok wil ook een nieuw regeringscentrum in het Wijnhavenkwartier en herbouw van Bezuidenhout (na bombardement in de WO II) inclusief een ondergronds station. Probleem is echter dat het Rijk niet één ministeriewijk wil. En ook de Nederlandse Spoorwegen sputteren tegen. Daardoor worden alleen enkele deelplannen gerealiseerd. Het Wijnhavenkwartier blijft tot diep in de jaren ’50 ongemoeid.
jaren ’50
Veel krotten en sloppen in het Wijnhavenkwartier worden gesloopt. De plannen van Dudok komen echter niet van de grond, waardoor nieuwbouw uit blijft
1956
Plan Mouton: Een nieuw, groter (half verdiept) station zo dicht mogelijk aan de Bezuidenhoutseweg en alle ministeries concentreren rond de Koekamp. Niet uitgevoerd: te duur, te ambitieus.
1957
Nieuw gemeentelijk structuurplan.
1958
De verordening Houtmarkt – Turfmarkt wordt vastgesteld. Op die basis worden uiteindelijk alleen twee kantoorgebouwen gerealiseerd: het gebouw ‘Lummus’ aan de Houtmarkt en een kantoorpand aan de Kalvermarkt
1962
Plan Nervi: Dit plan voorziet onder meer in een toren van 140 meter hoog aan de Schedeldoekshaven.
1964
Plan Nervi sneuvelt grotendeels na een procedure bij de Kroon. Een volledige ontwikkeling van het Wijnhavenkwartier komt niet van de grond.
1965
Gemeente sluit een ‘kavelovereenkomst’ met het Rijk. Zes kavels worden door de gemeente bouwrijp gemaakt. Ook zorgt de gemeente voor infrastructuur. In ruil daarvoor verplicht het Rijk zich tot afname van de kavels. Dit heeft echter geen concrete bouwactiviteiten tot gevolg.
1967
Min of meer op basis van het plan Nervi wordt het Transistorium (tegenwoordig verbouwd tot het ministerie van VWS) opgeleverd. Dit Transistorium verrees op de plek van het afgebrande gebouw voor Kunsten en Wetenschappen.
1970
De Exploitatie Maatschappij Scheveningen van Zwolsman (had grond Wijnhavenkwartier in eigendom) werd moedeloos van alle gestrande plannen en verkocht de grond in 1970 aan het Alg. burgerlijk Pensioenfonds. Vervolgens kwam de grond via het Rijk in handen van de RGD.
1970
De gemeente geeft opdracht voor een ontwerp voor het hele Wijnhavenkwartier: wordt gemaakt door architectenbureau Lucas & Niemeyer. Plan heet De Nieuwe Hout. Beleggers zijn echter niet geïnteresseerd en Wijnhavenkwartier blijft leeg.
1971
Delen van het Haagse centrum worden door het toenmalige ministerie van Welzijn, Volksgezondheid en Cultuur (WVC) aangewezen als Beschermd Stadsgezicht. Het oostelijk deel (waaronder ook het Wijnhavenkwartier) blijft buiten beschouwing.
1975
Op basis van het plan van Lucas & Niemeyer wordt gestart met de bouw van de ministeries van Justitie en Binnenlandse Zaken & Koninkrijksrelaties
1975
Sloop bebouwing Muzenstraat.
jaren ’70
Veel woningen in het gebied komen leeg te staan en omzet ondernemers daalt.
1979
Oplevering ministeries van Justitie en Binnenlandse Zaken & Koninkrijksrelaties (architect Lucas & Niemeyer).
1979
Oplevering Prins Bernhardviaduct (Rivierenbuurt daardoor afgesneden van Wijnhavenkwartier).
1981
Gemeenteraad besluit dat het Wijnhavenkwartier een multifunctionele invulling moet krijgen, met woningen, kantoren en cultuur. Drie architecten (Hertzberger, Weeber en Quist) worden uitgenodigd hun stedenbouwkundige visie te ontwikkelen. Weebers plan wordt gekozen. Hij creëert een plein tegenover de Nieuwe Kerk en grote bouwblokken richting het station. Ook komt hij met het idee van een wandelroute van het Spuiplein naar CS. Visie Weeber: doelstelling > multifunctioneel: mix kantoren, woningen, winkels en cultuur. Herstel stadscentrum.
1985
De Zwarte Madonna wordt opgeleverd (architect: Weeber).
1987
Oplevering Nederlands Danstheater (architect: OMA).
1987
Oplevering Dr. Anton Philipszaal (architect: Vermeulen).
’86 – ’89
Bouw Theatercentrum aan de overkant van het Spui.
jaren’80
Het Rijk stoot het laatste kavel uit de ‘kavelovereenkomst’ af. De gemeente bouwt hier de Resident.
1986
Duivesteijn: ’We missen een hart in het centrum’: pleidooi voor stadhuis naar Wijnhavenkwartier, als vliegwiel voor het gebied. Duivesteijn krijgt langzaam maar zeker de raad mee en de voorbereidingen voor bouw van een nieuw stadhuis op het Monchyplein worden gestaakt. De gedachte van Duivesteijn komt voort uit het feit dat de markt weigert in het gebied te investeren. Dat leidt tot verpaupering. De lokale overheid moet hier verantwoordelijkheid nemen en een handje helpen. Het ‘gat in de stad’ moet worden gedicht. Tegelijkertijd ligt er de kans om de versnipperde huisvesting van de gemeentelijke kantoren weer te concentreren. Destijds werd Duivesteijn niet door iedereen geloofd; achteraf toch gelijk gekregen!
1988
Opnieuw worden delen van het Haagse centrum door het ministerie van WVC aangewezen als Beschermd Stadsgezicht. Het oostelijk deel (waaronder ook het Wijnhavenkwartier) blijft wederom buiten beschouwing.
1988
Vierde Nota Ruimtelijke Ordening: compacte stad gedachte. Den Haag kiest ervoor het gebied tussen Babylon en de Nieuwe Kerk te vernieuwen.
1989
Raad stemt in met bouw van Stadhuis (plan Meier).
1990
Den Haag Nieuw Centrum wordt aangewezen als ‘Sleutelproject’.
1990
Start bouw Stadhuis (architect: Meier).
1991
Krier komt met Strategisch plan.
1992
Oplevering ministerie van VROM (architect: Hoogstad).
1992
Oplevering Mercure Hotel (architect: Weeber).
1993
Oplevering Theater aan het Spui (architect: Hertzberger).
1993
Ondertekening Sleutelconvenant Den Haag Nieuw Centrum door gemeente en Rijk.
1993
Hoogbouwnota vastgesteld door raad, duidelijke keuze voor zonering en dus geen versnippering van hoogbouw over de stad. (20-125m in zone A).
1994
Besluit tot samenvoegen van de beschermde stadsgezichten (Wijhavenkwartier blijft buiten beschouwing).
1995
Oplevering Stadhuis.
1995
De Catalaanse architect Joan Busquets maakt een integraal ontwerp voor de openbare ruimte van het Spuiplein en de Turfmarktroute.
1997
Den Haag Nieuw Centraal wordt door het Rijk aangewezen als ‘Nieuw Sleutelproject’.
1998
Oplevering ministerie van VWS (Castalia, voormalige Transistorium / architect Michael Graves & Associates).
1998
Gebouwen ministeries raken verouderd waarbij de RGD voor de keus komt: groot onderhoud, herontwikkeling (grootscheepse renovatie) of nieuwbouw. De gebouwen functioneren niet meer goed (indeling), uitstraling wordt als gedateerd ervaren (te massief) en er is geen aansluiting met de stad. Tegelijkertijd wil gemeente kwaliteits-verbetering van het Wijnhavenkwartier en dan vooral de Turfmarktroute. Dat is een extra pleidooi voor renovatie of nieuwbouw. Groot onderhoud wordt niet uitgevoerd en zowel gemeente als RDG zet in op ‘herontwikkeling’. Rijksgebouwendienst (RGD; eigenaar ministeries) en gemeente organiseren prijsvraag onder vijf architecten: Kleihues, Busquets, Van Egeraat, Hootsmans en Coenen komen ieder met een plan. Opdracht: ‘revitalisering van bestaande complex’. Plan van Jo Coenen heeft de voorkeur. Hij wordt daarom gevraagd zijn plan (Cour de la Haye) nader uit te werken (Haalbaarheidsstudie).
1999
Resultaten haalbaarheidsonderzoek: inhoudelijk akkoord maar het plan van Jo Coenen blijkt voor het Rijk te duur, onder meer door hoge kosten tijdelijke huisvesting. Als gevolg hiervan wordt de renovatie een halt toe geroepen.
1999
Oplevering Zürichtoren (architect: Cesar Pelli & Associates).
Nieuwe afweging RGD: renovatie of nieuwbouw. Nieuwbouw van de ministeries op afzonderlijke locaties blijkt het meest logisch. Belangrijke eis van de RGD is dat nieuwbouw van beide ministeries in het bestuurscentrum en op loopafstand van het Binnenhof gerealiseerd moet worden. Tegelijkertijd wil de gemeente vanuit economisch perspectief het Wijnhavenkwartier een impuls geven (meer vitaliteit, hogere dichtheid). Er volgt een locatieonderzoek uitgevoerd door de gemeente (i.s.m. RGD). Daarbij komt de Zwarte Madonna als meest geschikte nieuwbouwlocatie uit de bus.
2001
Op basis van het locatie-onderzoek stelt de gemeente voor de Zwarte Madonna te slopen, waarna op die plek één ministerie komt. Op de plek van de twee bestaande ministeriegebouwen komt vervolgens – zo is het plan – één nieuw ministerie en één woontoren terug. (Twee ministeries op de plek Zwarte Madonna was toen nog niet aan de orde omdat qua hoogte werd uitgegaan van max 85 meter). Functiemenging moet blijven (wonen moet ook in het nieuwe Wijnhavenkwartier een plaats krijgen), zo vinden zowel de gemeenteraad als wethouder Hilhorst. Als gevolg daarvan wordt besloten dat er 300 woningen uit de (prijs)categorie Zwarte Madonna terugkeren in het centrum, waarvan 125 in de nieuwe woontoren.
2001
De ministeries van Justitie en Binnenlandse Zaken & Koninkrijksrelaties willen toch gezamenlijke huisvesting. Richard Meier komt daarop met een Stedenbouwkundige studie voor het Wijnhavenkwartier. Meier combineert de economische wensen van de gemeente met de huisvestingswensen van de twee ministeries. Daaruit komt het plan zoals het – in grote lijnen – nu nog steeds actueel is. Meier stelt voor de Zwarte Madonna te slopen en vervolgens op die plek de beide ministeries en een woontoren te bouwen. Na oplevering van die torens kunnen de huidige ministeriegebouwen worden gesloopt, waarna ook die plek vrij komt voor economisch interessante bouwprojecten en woningbouw en voorzieningen voor de stad.
2001
Gemeenteraad stemt in met plan van Meier.
2001
Raad besluit tot aankoop Zwarte Madonna (en dus besluit sloop).
2001
Gemeente sluit intentieovereenkomst met RGD en MAB.
2001
De nieuwe Hoogbouwnota wordt door de gemeenteraad vastgesteld. Hierdoor wordt een maximale hoogte van 140 meter mogelijk in het Wijnhavenkwartier. Daarmee wordt aan een belangrijke randvoorwaarde voor het ‘plan Meier’ voldaan.
2001
Later dat jaar volgen er nog enkele aanpassingen aan het plan Meier: Er komen minder torens en de torens die blijven, lopen qua hoogte af (hoogste bij VROM, laag bij Spui). Dit leidt tot ‘werkschrift 2’ dat via B&W en de commissie de inspraak ingaat. Daarmee is het 'Stedenbouwkundig plan Wijnhavenkwartier" gereed.
2002
De oppositie in de gemeenteraad komt met een alternatief plan. Daarbij worden zowel de Zwarte Madonna als de ministeriegebouwen gehandhaafd. Plan is om Binnenlandse Zaken & Koninkrijksrelaties in de ministeriegebouwen te laten. In de ruimte die resteert komen woningen. Voor Justitie moet dan nieuwbouw elders in de stad (bv: Koningin Julianaplein) komen. Een deel van de woningen in de Madonna wordt verkocht. Op die manier wordt geld gegenereerd waarmee de totale Madonna opgeknapt kan worden. Het uitgewerkte plan van de oppositie wordt afgewogen tegen het 'Stedenbouwkundig plan Wijnhavenkwartier" van het college (visie Meier). Het alternatief wordt gezien als minder ambitieus en vernieuwend, en het alternatief draagt niet bij aan de gewenste kwaliteit voor het gebied rond CS. Daarop kiest de gemeenteraad definitief voor het 'Stedenbouwkundig plan Wijnhavenkwartier’ van het college. Dat is op 26 sept. 2002.
2002
Gemeente koopt Zwarte Madonna en Haag Wonen ontwikkelt de woontoren met o.a. 125 sociale huurwoningen. Dit wordt gevolgd door de aanwijzing van de Zwarte Madonna als ‘actiegebied’.
2002
Gemeente sluit samenwerkingsovereenkomst met RGD/ de Staat en een vervolg intentieovereenkomst met MAB.
2002
Zeven architecten maken ontwerp voor nieuwbouw ministeries: Neutelings Riedijk, Mecanoo, Kollhoff, SHL, Bolles & Wilson, NBBJ en Foster & Partners. Hieruit wordt de Berlijnse architect Kollhoff op basis van zijn plan ‘Chicago aan de Turfmarkt’’ geselecteerd. Centraal in zijn plan staat de inpassing. De torens passen in het stedelijk weefsel van de stad en er wordt bijzondere waarde gehecht aan de onderste verdiepingen (plint). Ook op die manier wordt de aansluiting met de stad gezocht.
6-1-2003
Gemeente wordt officieel eigenaar Zwarte Madonna (was Haag Wonen
2003
Oplevering Hoftoren (architect Kohn Pedersen Fox). Deze toren is voor de kantorenmarkt ontwikkeld. De RGD (OCW) kwam pas later in beeld.
2003
Sloopvergunning Zwarte Madonna wordt verleend.
2003
Architectenbureau Rapp en Rapp gaat woontoren ontwerpen.
11-12-2003
Bestemmingsplan Wijnhavenkwartier vastgesteld door gemeenteraad
21-4-2004
Bouwvergunning ministeries verleend.
6-7-2004
Provincie akkoord met bestemmingsplan Wijnhavenkwartier.
12-1-2005
Uitspraak Raad van State: Sloopvergunning Zwarte Madonna onherroepelijk.
20-7-2005
Uitspraak Raad van State: Bestemmingsplan vernietigd n.a.v. beroep bewoners Zwarte Madonna, Singelpingel en Parkeermanagement Nederland. Oorzaak: geen mer-beoordeling. Resultaat: fikse vertraging.
17-11-2005
Gemeentelijke Structuurvisie 2020 vastgesteld door gemeenteraad
24-3-2006
Bouwaanvraag Woontoren in procedure.
1-6-2006
Gemeenteraad aanvaardt het MER.
26-7-2006
Specifieke verklaring van geen bezwaar van Gedeputeerde Staten.
30-11-2006
Bouwvergunning Woontoren verleend.
19-12-2006
Minnelijke overeenkomst laatste 12 huurders.
24-5-2007
Bestemmingsplan Wijnhavenkwartier vastgesteld in de gemeenteraad
1-6-2007
Lege levering Zwarte Madonna / start uitvoering herontwikkeling.
21-12-2007
Afronding sloop Zwarte Madonna
7-1-2008
Start bouwwerkzaamheden ministeries Justitie en BZK